Geef je ogen maar goed de (lees)kost

Schrijvers vertellen hun verhalen in boeken en de lezers creëren beelden in hun hoofd. Iedere lezer leest het boek hetzelfde en iedere lezer ziet al lezend in gedachten iets anders. Sterker nog, alleen de schrijver ziet het zoals zij of hij bedoeld heeft. En dat is mooi. Nog mooier kan het worden als de schrijver ook tekenaar is, of er één opzoekt. Schrijver en tekenaar laten je hun wereld zien. Een andere dimensie aan een verhaal. Het plaatje vertelt zelf ook iets. Minder woorden, soms zelfs zonder woorden. In dit stukje tekst deel ik graag mijn favoriete strips (voor volwassenen) met jullie.

Allereerst een strip die uit de traditionele stroken bestaat (strip komt van het Engelse woord voor strook). Een glimlach of schaterlach, die wordt ontlokt in drie plaatjes, soms iets meer. Casper en Hobbes door Bill Watterson. Kleine Casper heeft een speelgoedtijgerknuffel. Maar wat niemand weet is dat dat een echte tijger is. Hobbes komt tot leven als ze met zijn tweeën zijn. Samen hebben ze briljante dialogen en beleven vreemde avonturen. Tot een ander om de hoek komt kijken. Bijzonder geestig. Gebundeld in een dertiental delen (en een Beste van). De eerste delen ooit gekocht bij een rommelmèrt in De Gildenbond. Inmiddels al een tijdje op zoek naar de ontbrekende twee delen. Je weet nooit hoe een zoektocht verloopt, vaak onverwacht vind je wat je zoekt, een euforisch momentje en dan de teleurstelling dat de zoektocht ten einde is.

In Mooie zomers laat Jordi Lafebre je zien hoe het een Belgische tekenaar en zijn gezin vergaat. Hoe de zonvakanties naar Frankrijk ieder jaar hetzelfde beginnen, maar iedere keer anders verlopen. Dit zal herkenbare elementen bevatten voor veel lezers onder jullie die vroeger ook naar het zuiden afreisden per auto. Is deze reeks spannend? Nou, nee. Mooi getekend? Anders noemde ik em niet! Wordt je meegesleept in het wel en wee van dit gezin? Jawel! Wordt er een beetje gelachen? Nou en of. Is het een absolute aanrader als je in vervolgen tijden in een Renault 4 en met ieder jaar hetzelfde cassettebandje op vakantie ging? Jazeker!

Van een hele andere orde is de serie Blacksad door de Spanjaarden Juan Díaz Canales en Juanjo Guarnido. Stijl is niet beter te omschrijven dan film noir, maar dan in kleur. Setting is jaren 50 in de Verenigde staten. Alle hoofdpersonen zijn dieren in menselijke gedaantes met menselijke trekjes. Het is lastig uit te leggen, maar deze serie raakt je. Qua tekenwerk en verhaallijn. Invalshoek is origineel. Er zijn plaatjes bij waar je een tijdje bij blijft hangen, om te kijken hoe Guarnido zich heeft uitgeleefd in details. Daarbij schuwt hij weinig. Deel 1 tot en met 5 zijn vertaald in het Nederlands, ik kijk uit naar de vertalingen van de andere 2 delen. Maar tot het zover is blader ik gefascineerd Arctic-Nation nog eens door.

Mijn favoriete striptekenaar komt ook uit Spanje. José Luis Munuera kan bij mij niet veel verkeerd doen. Vooruit dan, zijn eerste jaren waren wat minder. Inmiddels heeft hij een herkenbare stijl, waarbij sommige plaatjes ware kunstwerken zijn. Daarbij bevatten zijn strips (mede dankzij de samenwerking met bijvoorbeeld Jean-David Morvan) veel vaart en humor. De immer sacherijnige en rebelse jonge Merlijn en zijn kornuiten bijvoorbeeld of de karakters in de piratenreeks De Campbells. Maar vooral Betoveringen, Fraternity en Het Teken van de Maan zijn adembenemende sprookjes in kleine schilderijen. Het merendeel van zijn werk is in het Nederlands vertaald.

Het zal duidelijk zijn. Ik heb een zwak voor sprookjes. En in het bijzonder voor het Slapend kasteel van Linda Medley. Menselijke dieren en mensen delen de hoofdrollen. Een heel andere tekenstijl, niet ingekleurd bovendien. Je volgt verschillende karakters die op de één of andere manier bij elkaar komen. Pakkend, origineel, bizar en vol humor. Ietwat duister, maar dat was bij veel sprookjes het geval voordat ze verzacht werden voor al te tere kinderzieltjes.

En ik zou nog wel even door kunnen gaan. Het sfeervolle Blankets door Craig Thompson (zeker in winterse tijden), het ontroerende Drie Schimmen door Cyril Pedrosa (alleen nog tweedehands te vinden), het briljante De Krabbenmars door Arthur de Pins (alle krabben lopen dezelfde kant op, op eentje na) of het lijvige Fables door Bill Willingham (bekende sprookjesfiguren in de wereld van nu) niet te vergeten, maar ik hou het hierbij. Vertel enkel nog dat ik recent in de ban ben geraakt van de prequel van Op zoek naar de tijdvogel door Serge Le Tendre en Régis Loisel. Ik heb wel iets met zoektochten, zo besef ik me ineens. Volgende week daarover meer, spits de oren maar vast!

Aanbevolen artikelen

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *