Biscotti

Ik zou dit stukje graag willen beginnen met een verslag van ons bezoek aan Prato. Toscaanse stad met haar prachtige Piazza del Duomo, Ponte Mercatale, Castello dell’Imperatore, Palazzo Pretorio en de basiliek Santa Maria delle Carceri. Maar geen van onze omzwervingen in Toscane heeft ons ooit in Prato gebracht. Helaas.

Wel in het nabij gelegen Pratelino. Een dorpje dat dan weer helemaal niets voorstelt. Maar waar wel Villa Demidoff te vinden is. Waarin de verbluffend mooie L’Appennino of de Colosso dell’Appennino (reus van de Appenijnen) te bewonderen is. De eerste keer dat wij een poging ondernamen hing er een fraai scherm voor, aangezien het bouwwerk onderhanden werd genomen. Jaren later was het park gesloten op de dag dat we er langs gingen. Helaas.

Pas bij het tikken van dit stukje ontdekte ik dat er een kopie van deze fontein in ons eigen kikkerlandje te vinden is. Toch maar eens naar Landgraaf. Mijn allerliefste heeft ook iets van Italië naar Nederland gehaald. Maar dan wel via het Verenigd Koninkrijk, dankzij Cupcake Jemma. En het is… Biscotti (tweemaal gebakken) di Prato, oftewel cantuccini (kleine uitvoering), cantucci (grote uitvoering), ofwel amandelkoekjes.

Op naar de grootgrutter, of vraag de grootgrutter of hij of zij langskomt. Zodat het volgende in de keuken aanwezig is. Voorzichtigheid troef met twee eieren. Een pak met die fascinerend bewegende bruine basterd suiker. Bloem, niet een bloem. Zelfrijzend bakmeel. Heel verrassend, amandelen (125 gram, heel en in stukken). Kardemom. Wat? Kardemom! En we hebben zest nodig. Serieus? Haal hiervoor een sinaasappel en zorg dat je een rasp in huis hebt, voor de sinaasappelrasp, ofwel zest.

It’s all in the mix(er). Nou ja, niet meteen alles… begin met de twee eieren (zonder schalen). Vervolgens de 155 gram basterdsuiker erbij doen. Op medium (gemiddelde) snelheid light (licht) & fluffy (fluffy) mixen. Dan is het tijd om er 90 gram bloem en 125 gram zelfrijzend bakmeel bij te mixen, samen met de amandelen, een vierde theelepel kardemom en de sinaasappelrasp. Tevreden toekijken als het op lage snelheid tot een plakkerig zacht deeg gemixt wordt. Of een bakplaat klaarzetten met bakpapier erop, dat kan ook. En het aanrecht bestrooien met bloem.

 

Van het deeg twee boomstam-achtige vormen maken. Mag ook een dikke tak zijn. Deze inkwasten met een geklutst ei. Nu echt tevreden toekijken nadat je het in de 160 graden (Celsius) warme oven (onder- en bovenwarmte) hebt gezet.

 

 

Zo ongeveer 35-40 minuten heb je tijd voor iets anders. L’Appennino op internet opzoeken bijvoorbeeld. Of kijken wat kardemom eigenlijk is. Waarom bruine bastersuiker lijkt te bewegen. Of te ontdekken dat de zanger van Bloem (Even aan mijn moeder vragen) de zoon van Mies Bouwman is. Tot de wekker gaat. Eruit, die unacotti. Af laten koelen en schuin snijden in plakken van circa een centimeter dik. Op de platte kant leggen op het bakpapier en nog eens 10-15 minuten bakken, halverwege de plakjes omdraaien.

Eruit, die biscotti! Dat kan ook voor de vullingen gelden. Tweemaal gebakken, dus snoeihard. Vandaar dat ze vaak worden gesopt in zoete vin santo, muscat or moscatell. Maar we knijpen een oogje toe als jullie een ander drankje gebruiken om in te koekjebaden. Wees zoet en kies een portje of doe eens gek en pak een Pedro Ximénez sherry. En wil je toch een bier, kies dan een mooie straffe Moersleutel, bijvoorbeeld een Barcode variant.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *